Beste reistijd
Van mei tot december levert Mauritius de ideale omstandigheden voor je vakantie: temperaturen schommelen tussen 24 en 28 graden, passaatwinden koelen de lucht en regen valt zelden en kort.



De lucht ruikt naar zout en avontuur, je blik dwaalt over turquoise water dat tegen zwarte lavakliffen slaat – welkom op Mauritius. Dit eiland is geen stille schuilplaats – het explodeert in kleuren, contrasten en belevenissen die je niet meer loslaten. Je wandelt door groene kloven, staat in het eerste licht van de dag op de Le Morne, luistert naar de walvissen voor de kust. En er middenin: het echte leven. Straatkeukens met geurende curry in Port Louis, een segaritme dat je blootsvoets laat dansen. Een rondreis door Mauritius is intens, onverwacht en echt. Of het nu een roadtrip of eilandhoppen is – je komt niet als toerist. Je komt als ontdekker.
Van mei tot december levert Mauritius de ideale omstandigheden voor je vakantie: temperaturen schommelen tussen 24 en 28 graden, passaatwinden koelen de lucht en regen valt zelden en kort.

De officiële valuta is de Mauritius-roepie (MUR).

Een directe vlucht van Nederland naar Mauritius duurt ongeveer 11 tot 12 uur.

Officieel geldt Engels, in het dagelijks leven spreken de Mauritianen Creools – een mix van Frans, Afrikaanse talen en Hindi – maar je komt met Engels overal probleemloos door.

Mauritius zit vol hoogtepunten, maar deze bezienswaardigheden horen absoluut op je bucketlist.

Markten, moskeeën, tempels, kantoortorens – in Port Louis bevindt zich alles op één plek. Je ruikt specerijen uit open zakken, hoort creools in drie dialecten, ziet zakenlieden naast straatverkopers door nauwe steegjes dringen. Het centrale hoogland ligt op 600 meter – koeler, groener, rustiger. Theeplantages bedekken de hellingen. Ochtendmist schuift door valleien als vloeibaar zilver. Grand Bassin schittert diepzwart in de vulkaankrater – hindoes pelgrimeren hiernaartoe, wierookstokjes smeulen voor godenbeelden. Moka verschuilt zich tussen hoofdstad en hoogland achter groene heuvels: villa's, kunstgalerijen in koloniale gebouwen, studenten in cafés. Mauritius zit vol lagen.

Le Morne rijst 556 meter op als een zwarte vulkaanrots uit turkoois water – als je omhoogklimt, ligt de volledige zuidwestkust aan je voeten. Voor de kust speelt de onderwaterwaterval met je waarneming: zandwervelingen en stromingen tekenen een beeld alsof de oceaan in een afgrond stort – vanuit de helikopter spectaculair. Bel Ombre verschuilt zich tussen Le Morne en Souillac, groener, wilder, met wandelpaden door suikerrietvelden. De zevenkleurige aarde bij Chamarel schittert in rood, bruin, paars – vulkanische mineralen schilderen abstracte patronen in de bodem, zo onwerkelijk dat je twee keer kijkt. Daarnaast valt de Chamarel-waterval spectaculair 83 meter loodrecht de jungle in.

De westkust van Mauritius zit vol natuurhoogtepunten. In Flic en Flac ligt een van de langste zandstranden van het eiland – inclusief rifrand. Ten zuiden ligt Tamarin: surfers, dolfijnen, een baai die beide aantrekt. Black River Gorges Nationaal Park is het groene hart van het eiland: 68 vierkante kilometer oerwoud, endemische vogels, watervallen en trails die je diep een landschap in leiden dat niets meer te maken heeft met strandvakantie. De Tamarin Falls storten hier over zeven treden naar beneden – een van de spectaculairste watervallen van Mauritius. Casela Bird Park is Mauritius' enige wildpark: leeuwen, zebra's en ziplines die over de gorges-ravijnen voeren.

Boten, bars, parasailing: Grand Baie is het toeristische centrum van het noorden. Strandbars draaien muziek tot middernacht, watersportaanbieders lokken met parasailing tussen palmbomen, boten schommelen in de baai. Wie het rustiger wil, rijdt drie kilometer verder naar Péreybère: een van de mooiste lagunes van het noorden, en nauwelijks iemand weet dat. Mont Choisy Beach strekt zich van daar kilometers ver westwaarts uit – een van de langste stranden van het eiland. Helemaal bovenaan, op het meest noordelijke punt, staat Cap Malheureux: een piepklein kerkje met een rood dak direct aan het water, daarachter rijst Coin de Mire uit de oceaan op als een gestrand walvis.

Belle Mare strekt zich zo ver uit dat het strand uiteindelijk in de nevel verdwijnt – wit zand, water zo ondiep dat je na 50 meter nog staat. Vissers lappen netten tussen luxeresorts, palmbomen staan scheef in de wind. Vanuit Trou d'Eau Douce is het maar een paar minuten per boot naar Île aux Cerfs – een lagune in tien tinten blauw, waar geen filter voor nodig is. Verder naar het zuiden ligt Blue Bay met het helderste water van het eiland: je snorkelt over koralen die vanuit vijf meter diepte nog glasscherp lijken. Mahebourg leeft op zijn eigen ritme: kleurige houten huizen, maandagmarkten met groenten in plaats van souvenirs, gegrilde vis in plaats van cocktails. Het oosten laat Mauritius ongefilterd zien.